Wanneer je in Rome komt, dan komt je de geschiedenis tegemoet. Een prachtige stad met veel opgravingen en ruïnes uit de oude Romeinse tijd. Zoals het Colosseum, de grote triomfbogen, die werden opgericht wanneer de soldaten weer thuis kwamen van een overwinningstocht, tempels uit een oud verleden. Maar je ziet ook veel kerken, haast in elke hoek van de straat kun je er één vinden. Maar de Sint Pieter overtreft ze allemaal. Boven in de koepel van de Sint Pieter heeft men rondom de woorden aangebracht, die we vandaag lazen in het Evangelie: “Gij zijt Petrus en op deze steenrots zal ik mijn kerk bouwen.”
Maar wat Jezus, toen Hij deze woorden sprak ermee hebben bedoeld? Bedoelde Hij ermee dat Petrus de belangrijkste figuur zou worden binnen de kerk? Of bedoelde Hij er mee dat ons instituut Kerk steeds maar machtiger en rijker zou worden?
In het tweede Vaticaans Concilie, in de jaren ’60 van de vorige eeuw, hebben ze dat nog eens goed bestudeerd en op een rijtje gezet. Zij kwamen tot de conclusie dat het Jezus daar nooit om te doen was en dat het daar ook niet om gaat wanneer je het over de Kerk hebt. Die grootste kerken in de vorm van stenen gebouwen met alle pracht en praal worden op den duur ook gewoon ruïnes. Dat zie je maar al te vaak in onze samenleving, waarbij de ene na de andere kerk onder de sloophamer terecht komt. Nee, met Kerk heeft Jezus nooit een machtige kerkelijk imperium bedoeld, en ook geen machtig instituut.
Integendeel, Jezus heeft een beweging van mensen bedoeld, gedreven door eenzelfde visioen dat ook Hij zelf had. Een beweging die door de stormen der tijd niet stuk te krijgen zou zijn. Hij droomde van een beweging waartoe mensen behoren die hun geloof in God vertalen in liefde voor de mensen. En vanuit die beweging krijgt Petrus de sleutel. Niet, zoals zo vaak werd gezegd van de hemel, om te beoordelen of iemand er toe gelaten werd, maar van een beweging, die in het voetspoor van Jezus, er hier op aarde al een hemel van zou willen maken. Maar, waarom krijgt juist Petrus die sleutel?
Omdat hij blijkbaar een sleutelfiguur is. Omdat hij net als Eljakim in de Eerste Lezing een echte sleutelfiguur is, een vader voor de mensen. En niet als Sjebna, de ceremoniemeester in het paleis bepaalt wie er binnen komt en wie niet. Nee, Petrus is niet zo’n geen gespierde man, geen uitsmijter die wij in onze dagen zien bij café ’s en restaurants die vanuit een hoogmoedige houding kan bepalen wie er in mag en wie niet. Petrus voelde, zo zwak als hij ook is, feilloos aan waar het Jezus om te doen was.. Hij is zo trouw als een rots, niet klein te krijgen, een sleutelfiguur. Daarom ook krijgt hij de sleutel van het Koninkrijk der Hemelen.
En daar wordt niet het hiernamaals mee bedoeld, nee hij ontvangt niet de sleutel als portier van de hemel, maar van de beweging van mensen. Mensen die leven in het voetspoor van Jezus, mensen die de handen uit de mouwen willen steken om het hier een beetje hemels te maken. Hij moet een bindende figuur worden van deze beweging, van mensen uit welk land ze ook komen, of ze arm zijn of rijk, behoudend of vooruitstrevend.
Een beweging waarin mensen fouten kunnen maken, maar waar ook plaats is voor vergeving. Een beweging waarin men niemand blijft verwijten dat hij ooit steken liet vallen.
En daar draait het in de kerk als beweging allemaal om. Een sleutel waarmee we elkaar als mensen in de wereld van vandaag toegang kunnen geven tot een onderkomen: een dak boven ons hoofd. Dat is een opdracht voor ons allemaal, zo kunnen we allemaal sleutelfiguren zijn om anderen een onderkomen, een onderdak te schenken, waarbij wij niemand uitsluiten.
Bij God gaat het niet om de perfecte orde, niet om het handhaven van de juiste regels, maar voor Hem is maatgevend de hartstocht waarmee je echt van mensen houdt. Laten ook wij, lieve mensen, een beetje aarden naar dat profiel, om ook waardige sleuteldragers te zijn naar liefde en geluk. Amen.
Ootmarsum, 23 augustus 2026, Pastor Jan Kerkhof Jonkman
