Wat zou het fijn zijn dat we allen dezelfde taal spraken, dat we ons verstaanbaar konden maken voor iedereen, die er rondliep op onze wereld. Meer dan honderd jaar geleden, in 1887, bedacht een Joodse oogarts, Lejzer Zamenhof, afkomstig uit het Poolse gedeelte van het Russisch keizerrijk het Esperanto. Die taal zou een neutrale brug kunnen slaan tussen verschillende talen en culturen. Het was de bedoeling dat je door die taal vriendschappen kon sluiten met mensen uit verschillende landen. Mensen zouden naar een toekomst kunnen streven waarin iedereen gelijk is en je je een wereldburger kunt voelen. Er zijn geen officiële cijfers, omdat geen officiële taal geworden is, maar men schat dat er wereldwijd zo’n 100.000 mensen zijn die die taal spreken.
In het eerste lezing van vandaag gaat het ook over een taal die door iedereen wordt verstaan, een taal die dicht bij je hart ligt. De mensen die bijeen zijn in de smeltkroes van Jeruzalem horen de apostelen spreken in hun moederstaal. Natuurlijks preken de apostelen niet alle talen, dat mocht je van eenvoudige vissers ook niet verwachten, maar ze spraken wel een taal die iedereen begreep, namelijk de taal van de liefde en vrede, de taal van de Geest. Dat is een universele taal die iedereen begrijpt. Ja, je moet in onze wereld soms een beetje door elkaar geschud worden om die taal weer naar boven te halen, want die taal der liefde is bij onze eerste ademtocht ingeblazen door de Schepper. Hij is als een vonkje in ons hart gelegd en later behulp van onze ouders en opvoeders, in onszelf tot bloei gekomen. Gods vuur van liefde en vrede, is ons al vanaf onze geboorte ingeblazen. Maar soms is dat wat naar de achtergrond verdreven of ondergesneeuwd door ons eigen belang, door ons egoïsme, doordat we te veel denken aan ons zelf. Met Pinksteren worden weer door elkaar geschud om die taal van liefde, vrede, geduld, weer naar boven te halen. En dan merken we ineens dat we niet alleen staan, dat ook anderen, mensen wie wij het niet verwachtten hetzelfde horen spreken. Ondanks onze verschillende achtergrond, verstaan we elkaar.
Pinksteren is het feest van vuur en adem. Vandaag horen wij hoe Jezus over de leerlingen blaast zegt: “Ontvangt de Heilige Geest.” Daarmee geeft Hij de leerlingen een soort nieuw levensadem, om de weg van Jezus te gaan. De weg van barmhartigheid en vergeving. En dat is voor ons niet altijd een eenvoudige weg, we moeten daarbij soms diep inademen en met de kracht van de Heilige Geest datgene proberen te doen waarin wij geloven. Pinksteren gebeurt daar waar wij anderen horen spreken over vrede en gerechtigheid. Wanneer wij niet kerkelijke mensen, die nog nooit een kerk van binnen hebben gezien, horen praten over eerbied voor de schepping. Pinksteren gebeurt daar waar christenen die naastenliefde hoog in het vaandel hebben staan, ongelovigen op dezelfde manier zorg zien dragen voor hun medemensen. Denk maar eens aan Lourdes, waar mensen geweldig solidair zijn met elkaar, de plek waar de meest kwetsbaren op de eerste plaats komen, waar je spontaan een helpende hand krijgt van een vreemde, de plek waar je vanuit de hele wereld samen het Credo zingt. De plek waar het pinkstervuur nog altijd volop brandt. Juist in zulke situaties spreken wij dezelfde taal. Ja, soms komen de goede initiatieven uit onverwachte hoek, we raken er misschien ook een beetje van in verwarring. Pinksteren gebeurt daar waar de Galileeërs, de zogenaamde heidenen, een taal spreken die ook onze taal blijkt te zijn.
Zo worden de apostelen ook in vuur en vlam gezet, om de weg van Jezus te gaan. Zij spreken de taal die iedere mens verstaat. En hoe zit het met ons? Is de vlam van liefde en vrede die over ons is uitgeblazen, ook een echt vlammend vuur aan het worden? Gebeuren er ook in ons wonderbaarlijke dingen? Verwarmen wij met onze liefde en barmhartigheid ook de harten van anderen?
Hebben wij ook eerbied voor de naaste, voor het kleine? Waar mensen elkaar herkennen in gezamenlijke zorgen en vreugde wordt gedeeld, waar groepen die nauwelijks met elkaar van doen hadden, elkaar vinden, daar waait Gods Heilige Geest. Een Geest die waait, zoals Hij wil. Hij zou vooral in en vanuit de Kerk moeten waaien, maar is niet haar eigendom.
Kom, Schepper Geest, daal over ons neer, schud ons door elkaar, opdat wij niet vast blijven zitten in onze eigen bubbel, maar ons hart en onze handen openen voor de ander, dat wij de taal spreken die de vreemdeling, ja elk mens verstaat. Amen.
Pastor Jan Kerkhof Jonkman
