In het Evangelie gaat het om een onvruchtbare vijgenboom. En we weten hoe het gaat in onze huidige tijd: als iets geen vruchten draagt, dan moet ie worden omgehakt. Want geld is geld, de grond is duur, het moet goed worden gebruikt, anders hakken we hem om. We zien dat de eigenaar zo ook denkt en vindt dat de nutteloze boom moet worden omgehakt. Hij ergert zich er aan dat de boom niet beantwoordt aan zijn doel. En het is in onze ogen dan ook logisch dat hij hem laat omhakken. Daar heeft hij in onze ogen een punt. De boom doet niet waarvoor deze is bedoeld. En hem laten staan betekent dat hij alleen nog meer de grond uit put en dat is en zinloze verspilling. We denken allemaal dat deze actie gerechtvaardigd is.
Maar dan komt de wijngaardenier, degene die dag in dag uit voor de bomen zorgt, met een verrassende reactie. Hij is juist een warme pleitbezorger voor de boom, hij heeft zijn hart verpand aan de boom en wil alles in het werk stellen om dit hopeloze geval te redden. Hij wil tot het uiterste gaan om deze te redden van de ondergang. Hij wil deze nog eens extra bemesten, en wanneer dit geen resultaat heeft, dan kan ie hem alsnog omhakken. Zo neemt hij een uiterste poging om de boom te redden. Maar wat heeft hij toch met die nutteloze boom?
Misschien moeten we wat dieper gaan kijken, welke betekenis die boom heeft binnen de Joodse traditie. Een bekende Joodse uitspraak is: onder de vijgenboom gaan zitten en de Thora, de Joodse Wet, bestuderen. Dat houdt in : hoe kan ik Gods bedoelingen invullen in mijn dagelijkse leven. Hoe kan ik ervoor zorgen dat er vrede en veiligheid in het land komt. Onder de vijgenboom zitten heeft dus een religieuze betekenis, je studeert op Gods bedoelingen met de mensheid, om vrede en liefde te creëren. Dat zijn ook de vruchten van de vijgenboom. De vijgenboom staat dan ook voor een leven, waarin zij vruchten draagt van liefde, vrede, veiligheid en welvaart. We moeten helaas constateren dat er op dit moment weinig Joodse mensen onder de vijgenboom zitten om de Thora te bestuderen .
Dit verhaal geeft ons een kijkje op God. Hij, de eigenaar, is blijkbaar niet alleen een rechtvaardige rechter is, die de mensen die zich niet aan zijn geboden houden, veroordeelt. Hij is ook vooral een barmhartige vader, die zich alle moeite troost om zijn kinderen van de ondergang te redden. Hoewel hij rechtvaardig is, laat Hij tegelijk ook iets zien van zijn liefdevolle en geduldige barmhartigheid. Hij geeft ieder nog een laatste kans. Dat zien we terug in de rol van de wijngaardenier, die niet pleit voor afstel van het vonnis, maar voor uitstel, zodat hij nog eens al zijn zorg kan besteden aan de vijgenboom. Dus achter Gods rechtvaardigheid gaat een grote barmhartigheid schuil. En die barmhartigheid zou eigenlijk voor ons allemaal moeten gelden. Niet te snel oordelen, ook al levert dat niet meteen resultaat op, net meteen ongeduldig worden, niet meteen iemand ontslaan wanneer deze niet functioneert, maar probeer geduld op te brengen, iemand een kans te geven. Probeer vooral barmhartig te zijn.
Hoe staat het met onze vruchten van liefde, vrede en voorspoed na vijftien jaar Lumen Christi? Hebben wij ook zoveel geduld, beschikken wij ook over zoveel barmhartigheid? Hebben wij geduld binnen onze parochiegemeenschap, wanneer een bepaalde locatie nog niet zover is, wanneer zij nog geen zichtbare vruchten dragen van onze samenwerking? Spannen wij ons genoeg in om elkaar te zoeken en samen parochie te zijn? Of zetten we ons slechts voor onze eigen geloofsgemeenschap in?
Vijftien jaar lang zijn wij op weg om te groeien naar eenheid binnen onze verscheidenheid, met behoud van de eigenheid in de locaties. Welke vruchten heeft dit al opgeleverd? Er wordt goed samengewerkt op bestuurlijk niveau, in diverse werkgroepen, in catechese, met name in de sacramentenvoorbereiding, maar ook in de diaconie en de liturgie.
Er is al veel gegroeid tussen onze locaties, veel dingen doen we al samen, maar het kan nog beter. We kunnen nog beter onze eigen talenten, dingen waar we goed in zijn, op elkaar afstemmen. Maar er wordt ook pijn geleden omdat dingen niet meer kunnen zoals we gewend waren in het verleden, ook daar moeten wij oog voor hebben. Maar onze boom kan nog meer goede vruchten dagen. Daarom planten we na de viering ook een echte vijgenboom in de tuin van de kerk, als symbool van onze parochie, dat wij eronder kunnen schuilen, nadenken over onze toekomst, hoe wij nog beter samen kerk kunnen zijn en ons welzijn kunnen bevorderen. Laat de eigenaar onze kerk ook met ons nog een beetje geduld hebben en ons de tijd geven opdat de boom tot volle bloei komt en rijke vruchten zal dragen. Amen. Pastor Jan Kerkhof Jonkman
